Betekenis van:
ontheffing

ontheffing (de ~ | meervoud ontheffingen)
Zelfstandig naamwoord
  • officiële vrijstelling voor iets; vrijstelling; ontheffing van bepaalde verplichtingen; het iemand vrijlaten
"een ontheffing aanvragen"
"een ontheffing voor [het storten van vuil]"

Synoniemen

Hyperoniemen

ontheffing
Zelfstandig naamwoord
  • ontslag of ontzegging van bevoegdheden

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Ontheffing.
  2. Uitsluiting van ontheffing
  3. Onderwerp van de ontheffing
  4. Ontheffing van zekerheidstelling
  5. akten betreffende ontheffing van borgtochten;
  6. De lidstaten kunnen ontheffing verlenen
  7. CERTIFICAAT VAN ONTHEFFING VAN ZEKERHEIDSTELLING
  8. Ontheffing van zekerheidsstelling voor bepaalde openbare lichamen
  9. Doorlopende zekerheid en ontheffing van zekerheidstelling
  10. Soort goedkeuring en aard van de ontheffing
  11. Ontheffing van zekerheidsstelling (artikel 95 van het Wetboek)
  12. Van deze hogere belasting kan ontheffing worden verleend.
  13. Bedrag van de doorlopende zekerheid en ontheffing van zekerheidstelling
  14. De voorzitter van het Bureau kan ontheffing verlenen van:
  15. De minister van Handel en Industrie kan ontheffing verlenen.