Betekenis van:
opmaak

opmaak (de ~ | meervoud opmaken)
Zelfstandig naamwoord
  • verdeling van tekst en beelden; opmaak v.e. te drukken tekst
"de opmaak van de voorpagina van een krant"

Synoniemen

Hyperoniemen

opmaak (de ~ | meervoud opmaken)
Zelfstandig naamwoord
  • het zich kleden en opmaken
"de opmaak en de realisatie van het plan"

Synoniemen

Hyperoniemen

opmaak
Zelfstandig naamwoord
  • de gezamenlijke middelen bedoeld om het gezicht te verfraaien

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. de opmaak van de gegevens (hoofdstuk 3)
  2. Het kuitbeen (humerus) verwijderen. Opmaak: Verwijder kraakbeen, vliezen en pezen.
  3. de opmaak en vormgeving van hun geplande uitgaven;
  4. De analysemethode wordt overeenkomstig een internationaal overeengekomen opmaak overgelegd.
  5. LEIDRAAD VOOR DE INHOUD EN DE OPMAAK VAN HET JAARVERSLAG
  6. van zijde of van afval van zijde, ongeacht de opmaak;
  7. (wijzigingen in de opmaak op 1 januari 1997 en 1 juni 1999).
  8. De opmaak van de gegevens in het NLR dient aan de volgende specificaties te beantwoorden:
  9. In deze norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen sluitkool na opmaak en verpakking moet voldoen.
  10. In de norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen tafeldruiven na opmaak en verpakking moeten voldoen.
  11. In de norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen watermeloenen na opmaak en verpakking moeten voldoen.
  12. In de norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen aardbeien na opmaak en verpakking moeten voldoen.
  13. In de norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen appelen na opmaak en verpakking moeten voldoen.
  14. Het uniforme document wordt beschikbaar gesteld in elektronische vorm, in de door de Commissie vastgestelde opmaak.
  15. In de norm wordt aangegeven aan welke kwaliteitseisen peren na opmaak en verpakking moeten voldoen.