Betekenis van:
repareren

repareren
Werkwoord
iets weer in werkende staat brengen
"De auto was niet meer te repareren."
repareren
Werkwoord
er bovenop komen; herstellen; repareren; wat stuk is repareren
"de waterleidingen repareren"
"een fiets repareren"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen