Betekenis van:
riemen

riem (de ~ | meervoud riemen)
Zelfstandig naamwoord
  • gereedschap om een vaartuig vooruit te roeien
"roeien met de riemen die je hebt"
"met zijn eigen riemen roeien"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

riem (de ~ | meervoud riemen)
Zelfstandig naamwoord
  • riem die beschermt bij ongevallen; veiligheidsgordel in een vervoermiddel; stoelriem in auto's; veiligheidsriem
"je riemen omdoen"
"riemen vast!"

Synoniemen

Hyperoniemen