Betekenis van:
ruiten
ruiten
Bijvoeglijk naamwoord
- geruit
"een ruiten jasje/rok"
ruiten
Zelfstandig naamwoord
- een kleursoort in het kaartspel
ruit (de ~ | meervoud ruiten)
Zelfstandig naamwoord
- motiefje; patroon gevormd door snijdende lijnen; geometrisch figuur dat er uitziet als een uitgerekt vierkantje
"Schotse ruiten"
Synoniemen
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- Andere ruiten van kunststofglas
- Voorruit en andere ruiten
- Toestand van de ruiten
- Vervanging van deuren en ruiten
- Ruiten of transparante panelen in onaanvaardbare toestand.
- Elektrische bediening van ruiten, dakpaneelsystemen en scheidingssystemen
- Hamer om ruiten in te slaan ontbreekt.
- Ruiten of transparante panelen (indien toegestaan) zijn gebarsten of verkleurd.
- Vlakglas kan worden gebruikt voor de productie van ruiten voor de bouw en voor auto’s.
- De claxon, elektrische ruiten enz. zijn hiervan uitgesloten omdat ze niet permanent worden gebruikt.
- Ruitenwissers; toestellen om ijsafzetting op/het beslaan van ruiten tegen te gaan
- Ruiten of transparante panelen (reflecterende of gekleurde folie inbegrepen) zijn niet in overeenstemming met de vereisten [8] (XX) [10],
- Bovendien moeten elektrisch bediende ruiten en scheidingssystemen en de bedieningsorganen ervan aan de voorschriften van punt 5.8 voldoen.
- wanneer de sluitbeweging van elektrisch bediende ruiten, dakpanelen of scheidingen begint bij een opening van niet meer dan 4 mm;
- Een door de bestuurder gecontroleerde schakelaar is niet vereist indien de achterste ruiten, dakpanelen of scheidingen van een automatisch omkeermechanisme zijn voorzien.