Betekenis van:
sleeptouw

sleeptouw (het ~ | meervoud sleeptouwen)
Zelfstandig naamwoord
  • kabel om iets te slepen; kabel om iets te slepen
"iemand op sleeptouw nemen"
"iemand op sleeptouw houden"

Synoniemen

Hyperoniemen

sleeptouw
Zelfstandig naamwoord
  • touw of kabel waarmee het ene schip het andere voorttrekt
"Het sleeptouw brak en de reddingspoging mislukte."