Betekenis van:
stoelen
stoelen
Werkwoord
- stoelen op, gebaseerd zijn op
"Die uitspraak is gestoeld op feiten."
stoel (de ~ | meervoud stoelen)
Zelfstandig naamwoord
- zitmeubel voor één persoon, van een rugleuning en van poten voorzien
"een luie stoel"
"een gemakkelijke stoel"
Hyperoniemen
Hyponiemen
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- Zijn er genoeg stoelen voor iedereen?
- Er zijn geen stoelen in deze kamer.
- Optionele stoelen
- afzonderlijke stoelen
- Leuningen bij gereserveerde stoelen
- bij verschuifbare stoelen
- bij niet-verschuifbare stoelen
- Stoelen voor rollend materieel
- Beschrijving van de stoelen:
- Staat gordels en stoelen …
- Stoelen achteraan aan de buitenkant
- NACE 36.11: Vervaardiging van stoelen en zitmeubelen
- de rugleuning en achterkant van de stoelen;
- De stoelen worden eventueel als volgt versteld:
- Massa van passagiers — 19 stoelen of minder.