Betekenis van:
taalbeheersing

taalbeheersing
Zelfstandig naamwoord
  • studie van de juiste aanwending van taal (als vak)
"Taalbeheersing als vak."
taalbeheersing
Zelfstandig naamwoord
  • het vermogen zich te kunnen uitdrukken in een of meer talen
"Een goede taalbeheersing bezitten."
taalbeheersing (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • vaardigheid in taalgebruik; vaardigheid in taalgebruik
"mondelinge/schriftelijke taalbeheersing"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen