Betekenis van:
toren

toren (de ~ | meervoud torens)
Zelfstandig naamwoord
  • hoog, boven andere gebouwen uitstekend bouwwerk
"de toren van Babel"
"een stompe/spitse toren"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

toren (de ~ | meervoud torens)
Zelfstandig naamwoord
  • stuk in het schaakspel
"bij een rokade worden de koning en een toren verplaatst"

Synoniemen

Hyperoniemen

toren
Zelfstandig naamwoord
  • een smal hoog bouwwerk
toren
Zelfstandig naamwoord
  • een bepaald schaakstuk in de vorm van een toren

Werkwoord