Betekenis van:
vluchten

vluchten
Werkwoord
  • zich verwijderen om zich te onttrekken aan een dreigend gevaar
"voor [de badmeester/oorlog/werkelijkheid] vluchten"
"uit/naar [een gebied/land] vluchten"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

vluchten
Werkwoord
  • trachten te ontkomen aan dreigend gevaar
"De dieven vluchtten toen zij de politie de winkel binnen zagen komen."
vlucht (de ~ | meervoud vluchten)
Zelfstandig naamwoord
  • reis met een vliegtuig; tocht met een vliegtuig
"een vlucht onderbreken"
"een vlucht naar/op [New York]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

vlucht (de ~ | meervoud vluchten)
Zelfstandig naamwoord
  • groep vogels
"een vlucht patrijzen/eenden"

Hyperoniemen

vlucht (de ~ | meervoud vluchten)
Zelfstandig naamwoord
  • afstand tussen de vleugelspitsen; spanwijdte van vogel- en vliegtuigvleugels; afstand tussen twee steunpunten
"De vlucht van deze molen bedraagt 20 meter."
"De Andescondor heeft een vlucht van drie meter."

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord