Betekenis van:
volgorde

volgorde (de ~ | meervoud volgordes, volgorden)
Zelfstandig naamwoord
  • wijze waarop zaken elkaar volgen
"in (alfabetische/chronologische) volgorde"
"in volgorde van [binnenkomst/grootte]"

Hyperoniemen

Hyponiemen

volgorde
Zelfstandig naamwoord
  • wijze waarop iets in een rij gerangschikt wordt
"Het alfabet heeft een vaste volgorde."

Voorbeeldzinnen

  1. De bestanden staan in de juiste volgorde.
  2. Zet de woorden op alfabetische volgorde.
  3. Als ik het alfabet een nieuwe volgorde kon geven, zou ik de letters U en I naast elkaar zetten.
  4. Volgorde
  5. Volgorde van belang
  6. Volgorde van weergave
  7. Volgorde van de tests
  8. CHRONOLOGISCHE VOLGORDE VAN DE TESTS
  9. De volgorde is JJMMDD, zonder opvulteken
  10. algemeen dialoogontwerp en volgorde van concepten.
  11. Bijlage 12 — Chronologische volgorde van de tests
  12. (meer gegevensrijen met velden in dezelfde volgorde).
  13. De tests worden in onderstaande volgorde verricht:
  14. Specifieke behandelingen (in afnemende volgorde van intensiteit)
  15. Volgorde van de stemming over amendementen