Betekenis van:
voorkomen

voorkomen
Werkwoord
  • op voorsprong komen; naar voren gaan
"met 2-0 voorkomen"
"bij het fietsen voor iemand proberen te komen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

voorkomen
Werkwoord
  • met regelmaat ergens te vinden zijn
"kluut|Kluten en fuut|futen komen in Nederland voor."
voorkomen
Werkwoord
  • voor het gerecht verschijnen
"Deze zaak komt voor op 2 mei."
voorkomen
Werkwoord
  • soms gebeuren
"Het komt zelden voor dat je een nog een reiswagen tegenkomt."
voorkomen
Werkwoord
  • dunken, toeschijnen
"Het kwam hem onwaarschijnlijk voor dat dat waar was."
voorkomen (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • uiterlijk; voorkomen
"nu krijgt het een geheel ander voorkomen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

voorkomen
Zelfstandig naamwoord
  • hoe men eruitziet
"Zijn voorkomen is altijd erg verzorgd."