Betekenis van:
weken

weken
Werkwoord
  • (iets) zacht maken door het te leggen in een vloeistof
"erwten weken"

Hyperoniemen

Hyponiemen

weken
Werkwoord
  • door langdurig in een vloeistof te leggen zacht, plooibaar of beter wasbaar maken of worden.
"Dat vuile ondergoed heeft lang genoeg liggen weken."
weken
Werkwoord
  • in het water zetten om vuil te doen loslaten
"de was weken"

Synoniemen

Hyperoniemen

weken
Werkwoord
  • vuil loslaten door het staan in een vloeistof
"het wasgoed ligt te weken"
"de was heeft de hele zondag geweekt"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Drie weken gingen voorbij.
  2. Het koude weer duurde voor drie weken.
  3. We waren van plan om daar ongeveer twee weken te blijven.
  4. Als je anjers 7Up geeft in plaats van water, staan ze veel langer - vaak wel drie of vier weken.
  5. (weken)
  6. Weken
  7. Weken
  8. 16 weken
  9. 2-4 weken
  10. Gelijkgestelde tijdvakken (15) Weken
  11. Ten hoogste 12 weken
  12. Dagen tot weken
  13. Ten hoogste 6 weken
  14. Leeftijd in weken
  15. Vervulde verzekeringstijdvakken en daarmee gelijkgestelde tijdvakken Weken Maanden Weken Maanden