Betekenis van:
wisselkoers

wisselkoers
Zelfstandig naamwoord
  • de verhouding waarmee de ene muntsoort in de andere gewisseld kan worden
"Onrust in de wisselkoersen kan internationale handel erg riskant maken."
wisselkoers (de ~ | meervoud wisselkoersen)
Zelfstandig naamwoord
  • koers waartegen valuta verhandeld worden; wisselkoers tussen vreemde en eigen munt; wisselkoers; stand v.d. geldrente

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Ze zouden een betere wisselkoers hebben gekregen als ze naar een bank zouden zijn gegaan.
  2. WISSELKOERS
  3. Wisselkoers
  4. Onjuiste wisselkoers
  5. 23 Wisselkoers
  6. F512: wisselkoers
  7. Toegepaste wisselkoers
  8. Wisselkoers juni 2009 [16]
  9. Wisselkoers maart 2009 [5]
  10. ONTSTAANSFEITEN VOOR DE WISSELKOERS
  11. Wisselkoers EUR/PLN 3,97.
  12. Wisselkoers februari 2009 [1]
  13. Hfx is de wisselkoers-volatiliteitsaanpassing.
  14. Voorziening voor wisselkoers-, rente- en goudprijsrisico’s
  15. 1 USD = 3,3 PLN, wisselkoers van 22.6.2010.