Vertaling van cheering

Inhoud:

Engels
Nederlands
amusing, cheering {bn.}
amusant 
joyful, cheering {bn.}
heuglijk
verblijdend
verheugend
verheuglijk
cheering, shouting {zn.}
gejubel
gejuich [o] (het ~)
to cheer, to fire, to inspire, to stimulate {ww.}
aanvuren
to cheer, to exhilarate {ww.}
opmonteren
opvrolijken
opkikkeren
to cheer {ww.}
hoera roepen
to make glad, to cheer, to delight {ww.}
verheugen
verblijden
to scan, to cheer {ww.}
scanderen

Gerelateerd aan cheering

amusing - joyful - shouting - cheer - fire - inspire - stimulate - exhilarate - make glad - delight - scanshouting