Vertaling van entry

Inhoud:

Engels
Nederlands
entry, record {zn.}
boeking [v]
inschrijving [v]
entry, insert {zn.}
input
invoegsel
entry {zn.}
aanmelding [v]
input, entry, insertion, introduction {zn.}
invoer
beginner, entry, novice, tyro {zn.}
beginneling  [m]
beginner [m]
He is a beginner.
Hij is een beginneling.
She is a beginner.
Zij is een beginneling.
access, admission, admittance, accession, entrance, entry {zn.}
toegang 
binnengaan  [o]
intrede
entree [v]
I have access to his library.
Ik heb toegang tot zijn bibliotheek.
component, element, entry, flake, fragment, item, particle, snippet {zn.}
partikel 
deeltje
deel
item
punt 
entrance, portal, entry, gateway, inlet, way in {zn.}
ingang 
entree [v]
toegang 
Where is the entrance?
Waar is de ingang?
Where's the entrance?
Waar is de ingang?