Vertaling van insert

Inhoud:

Engels
Nederlands
to insert {ww.}
instoppen
inschuiven

I insert
you insert
we insert

ik stop in
jij stopt in
wij stoppen in
» meer vervoegingen van instoppen

to insert, to put away, to put in, to stow, to enclose, to introduce {ww.}
inleggen
inzetten
indoen

I insert
you insert
we insert

ik leg in
jij legt in
wij leggen in
» meer vervoegingen van inleggen

to insert {ww.}
inlassen
griffelen

I insert
you insert
we insert

ik las in
jij last in
wij lassen in
» meer vervoegingen van inlassen

to insert, to slip in, to sneak in, to stick in {ww.}
binnensluipen
binnenglippen

I insert
you insert
we insert

ik sluip binnen
jij sluipt binnen
wij sluipen binnen
» meer vervoegingen van binnensluipen

to enter, to insert, to put in, to input, to sheathe {ww.}
steken
insteken
indoen

I insert
you insert
we insert

ik steek
jij steekt
wij steken
» meer vervoegingen van steken

to insert, to slip in, to sneak in, to stick in {ww.}
binnensmokkelen

I insert
you insert
we insert

ik smokkel binnen
jij smokkelt binnen
wij smokkelen binnen
» meer vervoegingen van binnensmokkelen

to insert, to slip in, to sneak in, to stick in {ww.}
binnenloodsen

I insert
you insert
we insert

ik loods binnen
jij loodst binnen
wij loodsen binnen
» meer vervoegingen van binnenloodsen

entry, insert {zn.}
invoegsel
input
to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
inplakken

I insert
you insert
we insert

ik plak in
jij plakt in
wij plakken in
» meer vervoegingen van inplakken

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
inleggen

I insert
you insert
we insert

ik leg in
jij legt in
wij leggen in
» meer vervoegingen van inleggen

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
inzetten
vatten

I insert
you insert
we insert

ik zet in
jij zet in
wij zetten in
» meer vervoegingen van inzetten

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
inzetten
charteren
inspannen
inschakelen
inleggen

I insert
you insert
we insert

ik zet in
jij zet in
wij zetten in
» meer vervoegingen van inzetten

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
invoegen
inlassen
interpoleren
inweven

I insert
you insert
we insert

ik voeg in
jij voegt in
wij voegen in
» meer vervoegingen van invoegen

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
insteken
doorsteken

I insert
you insert
we insert

ik steek in
jij steekt in
wij steken in
» meer vervoegingen van insteken

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
instoppen

I insert
you insert
we insert

ik stop in
jij stopt in
wij stoppen in
» meer vervoegingen van instoppen

to enter, to infix, to insert, to introduce {ww.}
inleiden

I insert
you insert
we insert

ik leid in
jij leidt in
wij leiden in
» meer vervoegingen van inleiden

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
doorsteken

I insert
you insert
we insert

ik doorsteek
jij doorsteekt
wij doorsteken
» meer vervoegingen van doorsteken

to enclose, to inclose, to insert, to introduce, to put in, to stick in {ww.}
inbrengen

I insert
you insert
we insert

ik breng in
jij brengt in
wij brengen in
» meer vervoegingen van inbrengen


Gerelateerd aan insert

put away - put in - stow - enclose - introduce - slip in - sneak in - stick in - enter - input - sheathe - entry - inclose - infixcome in - slink - cheat - enclose - glue - place down - apply - add - lay - conduct - go