Vertaling van happy
Inhoud:
Engels
Nederlands
happy {bn.}
gelukkig
happy
happy
contented, pleased, satisfied, content, gratified, happy {bn.}
tevreden
vergenoegd
voldaan
vergenoegd
voldaan
Voorbeelden in zinsverband
Engels
Nederlands
Happy Christmas!
Vrolijk kerstfeest!
Happy Mother's Day!
Gelukkige Moederdag!
Are you happy?
Ben je tevreden?
Happy birthday, Muiriel!
Gefeliciteerd met je verjaardag, Muiriel!
He is always happy.
Hij is altijd gelukkig.
He looks happy.
Hij ziet er blij uit.
We are happy.
We zijn gelukkig.
Aren't you happy?
Zijt ge niet gelukkig?
She became happy.
Ze werd gelukkig.
I'm happy to see you.
Ik ben blij je te zien.
War doesn't make anybody happy.
Niemand wordt gelukkig van oorlog.
Everybody wants to be happy.
Iedereen wil gelukkig zijn.
I will make you happy.
Ik zal u gelukkig maken.
I'm happy to see you again.
Ik ben blij je weer te zien.
I'm happy, cause I'm learning some Dutch.
Ik ben gelukkig, want ik leer wat Nederlands.