Vertaling van long time
Voorbeelden in zinsverband
Long time no see!
Lang niet gezien.
I have lived here a long time.
Ik heb hier lange tijd gewoond.
Twenty years is a long time.
Twintig jaar is een lange tijd.
Long time no see
Lang niet gezien
It's been a long time since we last met.
Het is lang geleden sinds we elkaar voor het laatst zagen.
Waiting a long time for a friend makes me nervous.
Lang wachten op een vriend maakt me zenuwachtig.
A long time ago there was a bridge here.
Lang geleden was hier een brug.
We waited a long time, but she didn't show up.
We hebben een lange tijd gewacht, maar ze daagde niet op.
He kept me waiting for a long time.
Hij heeft me lang laten wachten.
She looked as if she had been sick for a long time.
Ze zag eruit alsof ze lange tijd ziek geweest was.
Yesterday I met an old friend of mine whom I had not seen for a long time.
Gisteren heb ik een oude vriend ontmoet, die ik al lang niet meer gezien had.