Vertaling van once
op een keer
oudtijds
Voorbeelden in zinsverband
Try it once again.
Probeer het nog eens.
Come at once.
Kom onmiddellijk.
I swim once a week.
Ik zwem één keer per week.
Let me say this just once.
Laat het me één keer zeggen.
He gets a haircut once a month.
Hij knipt zijn haar eens per maand.
I once wanted to be an astrophysicist.
Ooit wilde ik astrofysicus worden.
Go to the doctor at once!
Ga onmiddellijk naar de dokter!
He writes to me once a week.
Hij schrijft mij eens per week.
Germany was once allied with Italy.
Duitsland was ooit een bondgenoot van Italië.
They had once helped each other.
Ze hadden elkaar ooit geholpen.
We go fishing once in a while.
We gaan van tijd tot tijd vissen.
It is necessary that you go there at once.
Je moet er onmiddellijk naartoe gaan.
Once a month, she has lunch with her father.
Een keer per maand luncht zij met haar vader.
Once there was a poor farmer in the village.
Er was eens een arme boer in het dorp.
If you don't start at once, you will be late.
Als je nu niet begint, zul je te laat zijn.