Vertaling van pick
I pick
you pick
we pick
ik scheur weg
jij scheurt weg
wij scheuren weg
» meer vervoegingen van wegscheuren
I pick
you pick
we pick
ik pik
jij pikt
wij pikken
» meer vervoegingen van pikken
I pick
you pick
we pick
ik selecteer
jij selecteert
wij selecteren
» meer vervoegingen van selecteren
plukken
afplukken
oprapen
I pick
you pick
we pick
ik tokkel
jij tokkelt
wij tokkelen
» meer vervoegingen van tokkelen
I pick
you pick
we pick
ik kies
jij kiest
wij kiezen
» meer vervoegingen van kiezen
Voorbeelden in zinsverband
Don't pick up the cat.
Pak die kat niet op.
I'll pick him up at 5.
Ik zal hem om 5 uur oppikken.
The bus stopped to pick up passengers.
De bus stopte om passagiers in te laten stappen.
I'll come by and pick you up tomorrow morning.
Ik kom morgenochtend langs om je op te halen.
Don't forget to pick me up at 6 o'clock tomorrow.
Vergeet me niet op te pikken om zes uur morgenochtend.