Vertaling van spend
I spend
you spend
we spend
ik besteed
jij besteedt
wij besteden
» meer vervoegingen van besteden
I spend
you spend
we spend
ik sla stuk
jij slaat stuk
wij slaan stuk
» meer vervoegingen van stukslaan
I spend
you spend
we spend
ik breng door
jij brengt door
wij brengen door
» meer vervoegingen van doorbrengen
I spend
you spend
we spend
ik verteer
jij verteert
wij verteren
» meer vervoegingen van verteren
doorkomen
I spend
you spend
we spend
ik slijt
jij slijt
wij slijten
» meer vervoegingen van slijten
verslijten
verdrijven
investeren
spenderen
I spend
you spend
we spend
ik besteed
jij besteedt
wij besteden
» meer vervoegingen van besteden
I spend
you spend
we spend
ik geef uit
jij geeft uit
wij geven uit
» meer vervoegingen van uitgeven
Voorbeelden in zinsverband
Tom and Mary spend a lot of time together.
Tom en Mary brengen veel tijd samen door.
He earns more money than he can spend.
Hij verdient meer geld dan hij kan opdoen.
After much debate, we decided to spend our holidays in Spain.
Na veel overleg beslisten we onze vakantie in Spanje door te brengen.