Vertaling van wishing

Inhoud:

Engels
Nederlands
to desire, to wish, to want, to be anxious {ww.}
verlangen
wensen 
trek hebben in
verkiezen
begeren 
We all desire success.
We verlangen allemaal naar succes.
Don't confuse desire with love.
Verwar verlangen niet met liefde.
to be willing to, to want, to wish {ww.}
willen 
We want complete sentences.
We willen volledige zinnen.
They want to become rich.
Zij willen rijk worden.
want, wish, wishing {zn.}
wens [m] (de ~)
His wish was realized at last.
Zijn wens werd uiteindelijk vervuld.
I have but one wish.
Ik heb maar een wens.
to wish, to wish well {ww.}
toedragen
to wish {ww.}
wensen
I wish he were on our team.
Ik zou me wensen, dat hij in onze team zou zijn.
to wish {ww.}
wensen
toewensen
to wish, to wish well {ww.}
gunnen


Gerelateerd aan wishing

desire - wish - want - be anxious - be willing to - wish wellutterance - experience - desire - say