Vertaling van gehavend
Inhoud:
Nederlands
Duits
defect, gehavend, kaduuk, kapot, stuk {bn.}
beschädigt
bederven, beschadigen, havenen, schenden, stukmaken, toetakelen {ww.}
schaden
untergraben
beeinträchtigen
verletzen
verderben
Schaden zufügen
beschädigen
untergraben
beeinträchtigen
verletzen
verderben
Schaden zufügen
beschädigen
ik heb gehavend
jij hebt gehavend
hij/zij/het heeft gehavend
ich habe geschadet
du hast geschadet
er/sie/es hat geschadet
» meer vervoegingen van schaden