Vertaling van bel
ik bel
I phone
» meer vervoegingen van to phone
ik bel
I strum
» meer vervoegingen van to strum
to ring the bell
to toll
ik bel
I toll
» meer vervoegingen van to toll
ik bel
I call
» meer vervoegingen van to call
to call up
to phone
to ring
to telephone
ik bel
I call
» meer vervoegingen van to call
ik bel
I call
» meer vervoegingen van to call
to call up
to phone
to ring
to telephone
ik bel
I call
» meer vervoegingen van to call
Voorbeelden in zinsverband
Bel me morgen.
Call me tomorrow.
In geval van brand, bel 119.
In case of fire, dial 119.
Ik bel je binnen een week.
I will call you within a week.
Blijf daar niet zo staan, bel de beveiliging!
Don't just stand there. Call security.
Bel me onmiddellijk nadat je hem hebt ontmoet.
Call me immediately after you meet him.
Ik bel ze morgen, als ik weer terug ben.
I'll call them tomorrow when I come back.
Ik bel om te zeggen dat ik mijn kredietkaart verloren heb.
I'm calling because I've lost my credit card.
Bel me om vier uur. Ik moet de eerste trein nemen.
Call me at four; I must take the first train.