Vertaling van bijeengaren
Inhoud:
Nederlands
Engels
verzamelen, bijeenbrengen, bijeengaren, bijeenkrijgen, rapen, samenbrengen, verenigen, vergaren, paren, vergaderen, accumuleren, ophopen, opeenhopen {ww.}
ik zal bijeengaren
jij zult bijeengaren
hij/zij/het zal bijeengaren
I will collect
you will collect
he/she/it will collect
» meer vervoegingen van to collect
Ze probeerden hout te verzamelen in het bos.
They tried to collect wood from the forest.