Vertaling van kapot

Inhoud:

Nederlands
Engels
defect, kapot, stuk {bn.}
broken 
out of order
flawed
imperfect 
injurious
defect, gehavend, kaduuk, kapot, stuk {bn.}
broken 
damaged
defective 
gebroken, kapot, stuk {bn.}
broken 
kapotgaan, onklaar raken, stukgaan {ww.}
to injure 
to break down

ik ga kapot
jij gaat kapot
hij/zij/het gaat kapot

I injure
you injure
he/she/it injures
» meer vervoegingen van to injure

defect, kaduuk, kapoeres, kapoerewiet, onklaar, stuk, kapot {bn.}
broken
afgebrand, afgedraaid, afgemat, afgepeigerd, bekaf, doodmoe, doodop, doodvermoeid, geradbraakt, hondsmoe, knock-out, leeg, opgebrand, pompaf, total loss, uitgeblust, uitgekakt, uitgepoept, uitgescheten, uitgeteld, kapot, uitgeput, gebroken, op {bn.}
dog-tired
exhausted
fagged
fatigued
played out
spent
washed-out
worn out
worn-out
doden, doodmaken, kapotmaken {ww.}
to kill

ik maak kapot
jij maakt kapot

I kill
you kill
» meer vervoegingen van to kill

Pistolen doden geen mensen. Mensen doden mensen.
Guns don't kill people. People kill people.
Ze zullen me doden.
They'll kill me.
stukgaan, begeven, kapotgaan, bezwijken {ww.}
to split up
to separate
to come apart
to fall apart
to break

ik ga kapot
jij gaat kapot
hij/zij/het gaat kapot

I break
you break
he/she/it breaks
» meer vervoegingen van to break

expireren, insluimeren, ontslapen, overlijden, peigeren, verrekken, verscheiden, sterven, heengaan, kapotgaan, versmachten, inslapen, creperen {ww.}
to die
to go
to perish
to pass away
to pass
to kick the bucket
to give-up the ghost
to cash in one's chips
to exit
to drop dead
to decease
to croak
to conk
to choke
to pop off
to expire
to snuff it
to buy the farm
Er sterven dagelijks mensen.
People die every day.
Alle mensen moeten sterven.
All men must die.
mollen, kapotmaken, moeren {ww.}
to break

ik maak kapot
jij maakt kapot

I break
you break
» meer vervoegingen van to break


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

De wasmachine is kapot.

The washing machine has broken down.

Cultuur maakt talen kapot.

Culture destroys languages.

Deze klok is kapot.

This clock is broken.

Deze oude auto gaat constant kapot.

This old car breaks down all the time.

De auto was kapot, dus moesten ze lopen.

The car broke down, so they had to walk.

Het lijkt erop dat mijn Xbox 360 kapot is.

It looks like my Xbox360 is broken.

Ik heb een nieuwe bezem nodig. Deze is kapot.

I need a new broom. This one's shot.

Je hebt een kapot achterlicht.

You have a defective taillight.

Volgens mij zijn ze kapot.

I believe they're defective.

Dit is het raam dat kapot gemaakt werd door de jongen.

This is the window which was broken by the boy.