Vertaling van kust

Inhoud:

Nederlands
Engels
kust [v], kustlijn [v], zeekust [v] {zn.}
sea-coast
coast-line
sea-shore
seaboard
shore 
seaside
coast 
boord [m], kant [m], kust [v], oever [m], wal [m], waterkant [m] {zn.}
shore 
coast 
bank 
kust [m] (de ~), zeekust {zn.}
seashore
sea-coast
seacoast
coast
kussen, zoenen {ww.}
to kiss 

jij kust
hij/zij/het kust

you kiss
he/she/it kisses
» meer vervoegingen van to kiss

Laat ons zoenen.
Let's kiss.
Ik wil je zoenen.
I want to kiss you.
aflebberen, zoenen, kussen, aflikken {ww.}
to kiss
to snog
to osculate
to buss

jij kust
hij/zij/het kust

you kiss
he/she/it kisses
» meer vervoegingen van to kiss

U mag nu de bruid kussen.
You may now kiss the bride.


Gerelateerd aan kust

kustlijn - zeekust - boord - kant - oever - wal - waterkant - kussen - zoenen - aflebberen - aflikkenkant - beroeren