Vertaling van overvaart

Inhoud:

Nederlands
Engels
oversteek [m] (de ~), overtocht [m] (de ~), overvaart {zn.}
crossing
overvaren {ww.}
to track
to traverse
to get over
to pass over
to get across
to cut through
to cut across
to cross
to cover

jij overvaart
hij/zij/het overvaart

you track
he/she/it tracks
» meer vervoegingen van to track

overvaren {ww.}
to run down
overvaren, overzetten {ww.}
to put across
to pass on
to pass
to pass along
to communicate

jij overvaart
hij/zij/het overvaart

you pass
he/she/it passes
» meer vervoegingen van to pass


Gerelateerd aan overvaart

oversteek - overtocht - overvaren - overzettentocht - gaan - varen - overvaren - vervoeren