Vertaling van rand

Inhoud:

Nederlands
Engels
rand, zoom {zn.}
border 
welt
rand, zelfkant {zn.}
border 
brim 
rand {zn.}
rand
kant [m], marge, rand {zn.}
margin 
lijst, rand {zn.}
collar 
ferrule 
fret
lijst, rand, richel {zn.}
listel
fillet
band [m], boord [m], kant [m], rand, zoom {zn.}
brink
margin 
brim 
fringe
border 
edge 
rim 
edging
verge
We stonden aan de rand van een klif.
We stood on the brink of a cliff.
buitenkant [m], cirkelomtrek [m], periferie [v], omtrek, rand, randgebied {zn.}
outskirts 
periphery

Gerelateerd aan rand

zoom - zelfkant - kant - marge - lijst - richel - band - boord - buitenkant - cirkelomtrek - periferie - omtrek - randgebied