Vertaling van roer
Inhoud:
Nederlands
Engels
Roer {eigenn.}
Ruhr
Heeft Tom altijd een geweer bij zich?
Does Tom always carry a gun?
Hij zat daar een pijp te roken.
He sat there smoking a pipe.
Hij viel in slaap achter het stuur en had een ongeval.
He fell asleep behind the wheel and had an accident.
ik roer
I beat
» meer vervoegingen van to beat
doorroeren, roeren {ww.}
to stir
roeren {ww.}
to stir
ontroeren, bewegen, roeren {ww.}
to move
ik roer
I move
» meer vervoegingen van to move
verzetten, kanten, roeren, vechten, verweren, keren, weren {ww.}
to hold out
to resist
to stand firm
to withstand
to resist
to stand firm
to withstand
ik roer
I resist
» meer vervoegingen van to resist
verroeren, roeren {ww.}
to agitate
to budge
to shift
to stir
to budge
to shift
to stir
ik roer
I agitate
» meer vervoegingen van to agitate