Vertaling van stapel
Inhoud:
Nederlands
Engels
boel , drom , hoop, massa, menigte, schare, stapel, tas, troep {zn.}
De menigte wordt groter en groter.
The crowd is growing larger and larger.
Ze ving een glimp van hem op terwijl hij door de menigte liep.
She glimpsed him running through the crowd.
stapel {zn.}
stack
helling , stapel, werf, scheepswerf {zn.}
shipyard
dockyard
dockyard
stapel, tuk, verkikkerd, verslingerd, verzot, dol, wild, gek, bezeten, geil {bn.}
adoring
doting
fond
doting
fond
stapel {zn.}
pile
atomic reactor
chain reactor
atomic pile
atomic reactor
chain reactor
atomic pile
stapel {zn.}
pillory
ik stapel
I warehouse
» meer vervoegingen van to warehouse
opeenhopen, ophopen, stapelen, opstapelen, opeenstapelen, tassen {ww.}
ik stapel
I amass
» meer vervoegingen van to amass
hoop , berg, hoopje, stapel, tas {zn.}
pile
mound
heap
cumulus
cumulation
agglomerate
mound
heap
cumulus
cumulation
agglomerate
stapelgek, knetter, knettergek, knots, knotsgek, stapel, stapelzot {bn.}
crazy
half-baked
screwball
softheaded
half-baked
screwball
softheaded
opstapelen, opeenstapelen, optassen, stapelen, hopen, ophopen {ww.}
to heap up
to pile up
to stack up
to pile up
to stack up
ik stapel