Vertaling van voorspelen

Inhoud:

Nederlands
Engels
spelen, uitvoeren, voorspelen {ww.}
to play 
to perform 
to enact

ik zal voorspelen
jij zult voorspelen
hij/zij/het zal voorspelen

I will play
you will play
he/she/it will play
» meer vervoegingen van to play

Kinderen moeten spelen.
Children need to play.
Wij spelen dikwijls schaak.
We often play chess.
voorspelen {ww.}
to prelude

ik zal voorspelen
jij zult voorspelen
hij/zij/het zal voorspelen

I will prelude
you will prelude
he/she/it will prelude
» meer vervoegingen van to prelude

introductie, prelude [v] (de ~), preludium, entree [v] (de/het ~), voorspel [o] (het ~), intro [m] (de/het ~), preambule [m] (de ~) {zn.}
prelude
proloog [m] (de ~), voorspel [o] (het ~) {zn.}
beginning

Gerelateerd aan voorspelen

spelen - uitvoeren - introductie - prelude - preludium - entree - voorspel - intro - preambule - proloogspelen - deel - toestand