Vertaling van laten zien
Inhoud:
Nederlands
Spaans
laten zien, tentoonspreiden, tonen, vertonen, wijzen, uitwijzen {ww.}
indicar
mostrar
señalar
enseñar
mostrar
señalar
enseñar
Kijk goed. Ik zal je laten zien hoe je dit doet.
Fíjate bien. Te voy a mostrar cómo se hace.
Kun je me de weg naar de bushalte tonen?
¿Me puede indicar el camino a la parada de buses?
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Spaans
Ik zal je de stad laten zien.
Te mostraré la ciudad.
Wilt u me uw paspoort even laten zien alstublieft?
¿Puede mostrarme su pasaporte, por favor?
Kunt u me nog een andere laten zien?
Por favor enséñeme otro.