Vertaling van uitmaken

Inhoud:

Nederlands
Spaans
uitmaken, vormen {ww.}
constituir

ik zal uitmaken
jij zult uitmaken
hij/zij/het zal uitmaken

yo constituiré
tú constituirás
él/ella constituirá
» meer vervoegingen van constituir

beslissen, besluiten, uitmaken, zich voornemen {ww.}
decidir
decidirse

ik zal uitmaken
jij zult uitmaken
hij/zij/het zal uitmaken

yo decidiré
tú decidirás
él/ella decidirá
» meer vervoegingen van decidir

We vinden het moeilijk om te beslissen welke te kopen.
Nos es difícil decidir cuál comprar.
afmaken, afsluiten, beëindigen, besluiten, uitmaken, voleindigen {ww.}
terminar
acabar

ik zal uitmaken
jij zult uitmaken
hij/zij/het zal uitmaken

yo terminaré
tú terminarás
él/ella terminará
» meer vervoegingen van terminar

blussen, doven, uitblussen, uitdoen, uitdoven, uitmaken {ww.}
apagar
extinguir

ik zal uitmaken
jij zult uitmaken
hij/zij/het zal uitmaken

yo apagaré
tú apagarás
él/ella apagará
» meer vervoegingen van apagar

Kan je het licht uitdoen?
¿Puedes apagar la luz?
Je kan maar beter het licht uitdoen voordat je gaat slapen.
Más te vale apagar la luz antes de dormir.
afschaffen, elimineren, opdoeken, uitmaken, verwijderen, wegdoen {ww.}
eliminar

ik zal uitmaken
jij zult uitmaken
hij/zij/het zal uitmaken

yo eliminaré
tú eliminarás
él/ella eliminará
» meer vervoegingen van eliminar