Vertaling van volledig

Inhoud:

Nederlands
Spaans
heel, geheel, ten volle, volkomen, volledig, voluit {bw.}
completamente
compleet, heel, volkomen, volledig, volslagen, voltallig, hele {bn.}
completo
compleet, heel, geheel, totaal, totaliter, volkomen, volledig {bw.}
completamente
compleet, totaal, vol, volkomen, volledig {bn.}
lleno
pleno
completo
finaal, heel, geheel, helemaal, totaal, volkomen, volledig {bw.}
enteramente


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Hij is volledig afhankelijk van zijn ouders.

Él es completamente dependiente de sus padres.

De man die volledig in het rood was gekleed hield een pistool vast.

El hombre de rojo estaba portando una pistola.


Gerelateerd aan volledig

heel - geheel - ten volle - volkomen - voluit - compleet - volslagen - voltallig - hele - totaal - totaliter - vol - finaal - helemaal