Vertaling van familie
Inhoud:
Nederlands
Frans
Ik heb een groot gezin.
J'ai une grande famille.
Hoe is het met uw familie?
Comment va votre famille ?
familie , verwanten, bloedverwanten {zn.}
proches
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Frans
Weet je iets over je familie?
Sais-tu quelque chose de ta famille ?
Hoe is het met uw familie?
Comment va votre famille ?
Al mijn vrienden en familie zijn dood.
Tous mes amis et ma famille sont morts.
Ze heeft haar geld, haar familie en haar vrienden verloren.
Elle perdit son argent, sa famille, ses amis.
De dokter dachten dat hij dood was, maar vandaag is hij gezond en wel en hij heeft werk en een familie.
Les médecins le donnaient pour mort, mais aujourd'hui il est encore vivant et en bonne santé, et il a un travail et une famille.