Vertaling van afgieten

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
afgieten {ww.}
afgieten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten
» meer vervoegingen van afgieten

afschenken, decanteren, afgieten {ww.}
afschenken
decanteren
afgieten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal afschenken
jij zult afschenken
hij/zij/het zal afschenken
» meer vervoegingen van afschenken

droogleggen, afgieten {ww.}
droogleggen
afgieten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal droogleggen
jij zult droogleggen
hij/zij/het zal droogleggen
» meer vervoegingen van droogleggen

afgieten {ww.}
afgieten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten
» meer vervoegingen van afgieten

gieten, afgieten {ww.}
gieten
afgieten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal gieten
jij zult gieten
hij/zij/het zal gieten
» meer vervoegingen van gieten

Het begon te gieten.
Het begon te gieten.
gieten, afgieten, gegoten {ww.}
gieten
afgieten
gegoten {ww.}

ik zal afgieten
jij zult afgieten
hij/zij/het zal afgieten

ik zal gieten
jij zult gieten
hij/zij/het zal gieten
» meer vervoegingen van gieten



Gerelateerd aan afgieten

afschenken - decanteren - droogleggen - gieten - gegotenafhalen - gieten - vormen