Vertaling van ban

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
ban [m] (de ~) {zn.}
ban [m] (de ~) {zn.}
ban [m] (de ~), proscriptie, vogelvrijverklaring {zn.}
ban [m] (de ~)
proscriptie
vogelvrijverklaring {zn.}
excommunicatie [v], ban [m], banvloek [m], anathema [o] {zn.}
excommunicatie [v]
ban [m]
banvloek [m]
anathema [o] {zn.}
banvloek [m], excommunicatie [v], ban [m] {zn.}
banvloek [m]
excommunicatie [v]
ban [m] {zn.}
betovering [v], ban [m] {zn.}
betovering [v]
ban [m] {zn.}
gebied [o], territorium, territoir, grondgebied, ban [m] {zn.}
gebied [o]
territorium
territoir
grondgebied
ban [m] {zn.}
Dit gebied is niet in kaart gebracht.
Dit gebied is niet in kaart gebracht.
Iedere keer dat hij ontsnapte keerde hij terug naar dit gebied.
Iedere keer dat hij ontsnapte keerde hij terug naar dit gebied.
ban [m] (de ~), betovering [v] (de ~) {zn.}
ban [m] (de ~)
betovering [v] (de ~) {zn.}
verbannen, bannen {ww.}
verbannen
bannen {ww.}

ik ban
jij bant
hij/zij/het bant

ik verban
jij verbant
hij/zij/het verbant
» meer vervoegingen van verbannen

We hebben hem uit het land verbannen.
We hebben hem uit het land verbannen.
uitdrijven, bannen, bezweren, exorciseren, uitbannen {ww.}
uitdrijven
bannen
bezweren
exorciseren
uitbannen {ww.}

ik ban
jij bant
hij/zij/het bant

ik drijf uit
jij drijft uit
hij/zij/het drijft uit
» meer vervoegingen van uitdrijven