Vertaling van bevoordelen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
voordeel bezorgen, bevoordelen {ww.}
voordeel bezorgen
bevoordelen {ww.}

ik bevoordeel
jij bevoordeelt
hij/zij/het bevoordeelt

ik bevoordeel
jij bevoordeelt
hij/zij/het bevoordeelt
» meer vervoegingen van bevoordelen

voortrekken, bevoordelen, voorstaan, begunstigen {ww.}
voortrekken
bevoordelen
voorstaan
begunstigen {ww.}

ik begunstig
jij begunstigt
hij/zij/het begunstigt

ik trek voor
jij trekt voor
hij/zij/het trekt voor
» meer vervoegingen van voortrekken

matsen, bevoordelen {ww.}
matsen
bevoordelen {ww.}

ik bevoordeel
jij bevoordeelt
hij/zij/het bevoordeelt

ik mats
jij matst
hij/zij/het matst
» meer vervoegingen van matsen



Gerelateerd aan bevoordelen

voordeel bezorgen - voortrekken - voorstaan - begunstigen - matsenbegunstigen