Vertaling van biologeren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
biologeren, intrigeren, fascineren {ww.}
biologeren
intrigeren
fascineren {ww.}
intrigeren
fascineren {ww.}
ik biologeer
jij biologeert
hij/zij/het biologeert
ik biologeer
jij biologeert
hij/zij/het biologeert
» meer vervoegingen van biologeren
hypnotiseren, biologeren {ww.}
hypnotiseren
biologeren {ww.}
biologeren {ww.}
ik biologeer
jij biologeert
hij/zij/het biologeert
ik hypnotiseer
jij hypnotiseert
hij/zij/het hypnotiseert
» meer vervoegingen van hypnotiseren