Vertaling van dank betuigen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
danken, bedanken, te danken hebben, dank betuigen {ww.}
danken
bedanken
te danken hebben
dank betuigen {ww.}
bedanken
te danken hebben
dank betuigen {ww.}
Ik kan hem niet genoeg bedanken.
Ik kan hem niet genoeg bedanken.
Ik kan hem niet genoeg bedanken.
Ik kan hem niet genoeg bedanken.