Vertaling van gepeperd
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
gepeperd, peperachtig {bn.}
gepeperd
peperachtig {bn.}
peperachtig {bn.}
gekruid, gepeperd {bn.}
gekruid
gepeperd {bn.}
gepeperd {bn.}
gepeperd {bn.}
gepeperd {bn.}
peperen {ww.}
peperen {ww.}
ik heb gepeperd
ik had gepeperd
ik zal gepeperd hebben
ik heb gepeperd
ik had gepeperd
ik zal gepeperd hebben
» meer vervoegingen van peperen
heet, gepeperd {bn.}
heet
gepeperd {bn.}
gepeperd {bn.}
peperen {ww.}
peperen {ww.}
ik heb gepeperd
ik had gepeperd
ik zal gepeperd hebben
ik heb gepeperd
ik had gepeperd
ik zal gepeperd hebben
» meer vervoegingen van peperen