Vertaling van gevoelig

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
gevoelig, ontvankelijk, receptief {bn.}
gevoelig
ontvankelijk
receptief {bn.}
gevoelig, ontvankelijk, receptief, vatbaar {bn.}
gevoelig
ontvankelijk
receptief
vatbaar {bn.}
gevoelig {bw.}
gevoelig {bw.}
gevoelig, teergevoelig {bn.}
gevoelig
teergevoelig {bn.}
gevoelig, kregelig, lichtgeraakt, prikkelbaar {bn.}
gevoelig
kregelig
lichtgeraakt
prikkelbaar {bn.}
delicaat, fijn, gevoelig, iel, kies, kieskeurig, tactvol, teder, teer {bn.}
delicaat
fijn
gevoelig
iel
kies
kieskeurig
tactvol
teder
teer {bn.}


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Hij is heel gevoelig.

Hij is heel gevoelig.

Haaien zijn gevoelig voor elektrische signalen alsook voor geluid.

Haaien zijn gevoelig voor elektrische signalen alsook voor geluid.

Ik ben gevoelig voor kou. Mag ik nog een deken hebben?

Ik ben gevoelig voor kou. Mag ik nog een deken hebben?