Vertaling van haakje

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
haakje [o], haak [m] {zn.}
haakje [o]
haak [m] {zn.}
slot [o], spang, haakje [o], agrafe [v] {zn.}
slot [o]
spang
haakje [o]
agrafe [v] {zn.}
Geef me de sleutel van dit slot!
Geef me de sleutel van dit slot!
Heb je de deur op slot gedaan?
Heb je de deur op slot gedaan?
kramp, nietje [o], klamp, haakje [o] {zn.}
kramp
nietje [o]
klamp
haakje [o] {zn.}
Ik kreeg kramp in mijn been tijdens het zwemmen.
Ik kreeg kramp in mijn been tijdens het zwemmen.
haakje [o] (het ~), haak {zn.}
haakje [o] (het ~)
haak {zn.}
haakje [o] (het ~), haak [m] (de ~) {zn.}
haakje [o] (het ~)
haak [m] (de ~) {zn.}


Gerelateerd aan haakje

haak - slot - spang - agrafe - kramp - nietje - klampleesteken - voorwerp