Vertaling van onduleren

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
onduleren {ww.}
onduleren {ww.}

ik onduleer
jij onduleert
hij/zij/het onduleert

ik onduleer
jij onduleert
hij/zij/het onduleert
» meer vervoegingen van onduleren

krullen, krullen, unduleren, opkrullen, onduleren, kroezen, friseren {ww.}
krullen
krullen
unduleren
opkrullen
onduleren
kroezen
friseren {ww.}

ik friseer
jij friseert
hij/zij/het friseert

ik krul
jij krult
hij/zij/het krult
» meer vervoegingen van krullen

Ik hou van krullen.
Ik hou van krullen.


Gerelateerd aan onduleren

krullen - unduleren - opkrullen - kroezen - friserenomvormen