Vertaling van opbleken
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
opbleken, bleken {ww.}
opbleken
bleken {ww.}
bleken {ww.}
ik zal bleken
jij zult bleken
hij/zij/het zal bleken
ik zal opbleken
jij zult opbleken
hij/zij/het zal opbleken
» meer vervoegingen van opbleken
opbleken {ww.}
opbleken {ww.}
ik zal opbleken
jij zult opbleken
hij/zij/het zal opbleken
ik zal opbleken
jij zult opbleken
hij/zij/het zal opbleken
» meer vervoegingen van opbleken