Vertaling van oplikken
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
oplikken, lebberen {ww.}
oplikken
lebberen {ww.}
lebberen {ww.}
ik zal lebberen
ik zou lebberen
jij zult lebberen
ik zal oplikken
ik zou oplikken
jij zult oplikken
» meer vervoegingen van oplikken
oplikken {ww.}
oplikken {ww.}
ik zal oplikken
ik zou oplikken
jij zult oplikken
ik zal oplikken
ik zou oplikken
jij zult oplikken
» meer vervoegingen van oplikken
slobberen, opslobberen, oplikken {ww.}
slobberen
opslobberen
oplikken {ww.}
opslobberen
oplikken {ww.}
ik zal oplikken
ik zou oplikken
jij zult oplikken
ik zal slobberen
ik zou slobberen
jij zult slobberen
» meer vervoegingen van slobberen