Vertaling van surveilleren
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
surveilleren {ww.}
surveilleren {ww.}
ik surveilleer
jij surveilleert
hij/zij/het surveilleert
ik surveilleer
jij surveilleert
hij/zij/het surveilleert
» meer vervoegingen van surveilleren
controleren, nakijken, toezien, surveilleren, checken, aflezen {ww.}
controleren
nakijken
toezien
surveilleren
checken
aflezen {ww.}
nakijken
toezien
surveilleren
checken
aflezen {ww.}
ik lees af
jij leest af
hij/zij/het leest af
ik controleer
jij controleert
hij/zij/het controleert
» meer vervoegingen van controleren
Jij moet je hoofd laten nakijken.
Jij moet je hoofd laten nakijken.
Je moet je ogen laten controleren.
Je moet je ogen laten controleren.