Vertaling van trimmen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
trimmen {ww.}
trimmen {ww.}
ik trim
jij trimt
hij/zij/het trimt
ik trim
jij trimt
hij/zij/het trimt
» meer vervoegingen van trimmen
trimmen, bijknippen {ww.}
trimmen
bijknippen {ww.}
bijknippen {ww.}
ik knip bij
jij knipt bij
hij/zij/het knipt bij
ik trim
jij trimt
hij/zij/het trimt
» meer vervoegingen van trimmen
knippen, trimmen {ww.}
knippen
trimmen {ww.}
trimmen {ww.}
ik knip
jij knipt
hij/zij/het knipt
ik knip
jij knipt
hij/zij/het knipt
» meer vervoegingen van knippen
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
trimmen {ww.}
trimmen {ww.}
ik trim
jij trimt
hij/zij/het trimt
ik trim
jij trimt
hij/zij/het trimt
» meer vervoegingen van trimmen
joggen, trimmen {ww.}
joggen
trimmen {ww.}
trimmen {ww.}
ik jog
jij jogt
hij/zij/het jogt
ik jog
jij jogt
hij/zij/het jogt
» meer vervoegingen van joggen
Ik hou van joggen.
Ik hou van joggen.
Mijn vader gaat elke ochtend joggen.
Mijn vader gaat elke ochtend joggen.